In die straten en op die bruggen,
Daar was een menigte van mannen en vrouwen,
Hun ogen vol van lijdenswater,
Hun harten vol van levenspijn.
Lijdenswegen 14:4
lyrics | cherries

De bel klinkt nog na in de gang.
Haar figuur breekt in stukken achter het matglazen raam.
Op de deur, die andere naam.
Ze doet open, haar hand aan de deur, die glimlach, die geur.
En ze vraagt: "Was het makkelijk te vinden?."

Ze zegt dat ze gelukkig is, zegt dat ze gelukkig is,
Zegt dat ze gelukkig is, ze zegt dat ze gelukkig is.

Dat uitzicht, je woont hier best mooi.
Ja, het gaat met zijn tweeen, maar straks dan wordt het te klein.
Als over twee jaar de kinderen er zijn.
De koffie is klaar, dat haar, datzelfde gebaar.
Ze vraagt: "Nog steeds melk en suiker?"

Ze zegt dat ze gelukkig is, zegt dat ze gelukkig is,
Zegt dat ze gelukkig is, ze zegt dat ze gelukkig is.

We gaan eens naar Ijsland dit jaar.
Nee, niet in Augustus, want zomers dan is het zo druk.
Ja, in de winter dan scheelt dat een stuk.
Het bankstel te laag, het vloerkleed te dik.
Ze volgt mijn blik en ze vraagt: "Blijf je eten?"

Ze zegt dat ze gelukkig is, zegt dat ze gelukkig is,
Zegt dat ze gelukkig is, ze zegt dat ze gelukkig is.

Het spijt me ik moest weer eens gaan.
Nee, ik kan echt niet blijven, ik heb vanavond nog zoveel te doen.
Heel voorzichtig geeft ze een zoen.
Haar hand aan de deur, die glimlach, die geur.
Ze aarzelt en zegt: "Je moet gauw weer eens komen."

Ze zegt dat ze gelukkig is, zegt dat ze gelukkig is,
Zegt dat ze gelukkig is, ze zegt dat ze gelukkig is.

Ellie / Klein Orkest


Ze loopt de trap op met haar boodschappentas,
Haar pasgekregen jas,
Hij wilde haar verassen maar ze was niet blij.

Ze pakt haar tas uit en neemt een sigaret,
Gaat zitten op het bed,
Haar hoofd het lijkt wel of ze niets meer weet.

Hoe moet ze dat nou zeggen,
Zo moeilijk uit te leggen,
Maar het lukt niet meer.
Ze is dat gevoel kwijt,
Haar lichaam spreekt de waarheid,
Het lukt niet meer.

Ze kijkt aandachtig naar haar eigen spiegelbeeld,
Iets dat haar nooit verveelt,
Maar de angst die in haar schreeuwt wint van haar ijdelheid.

Terwijl ze huilt, vervaagt langzaam haar gezicht,
Ze doet haar ogen dicht,
Voelt de sleur als een gewicht, dat op haar schouders rust.

Hoe moet ze dat nou zeggen,
Zo moeilijk uit te leggen,
Maar het lukt niet meer.
Ze is dat gevoel kwijt,
Haar lichaam spreekt de waarheid,
Het lukt niet meer.

Vroeger toen ze hem had leren kennen,
Konden ze elkaar zonder vragen zo verwennen.
Het strand, de zee, terassen, de kroeg,
Praten en lachen het leek nooit genoeg.

Vroeger toen ze hem had leren kennen,
Konden ze elkaar zonder vragen zo verwennen.
Maar ze weet niet waarom, waarneer, waarvandaan
Maar ze voelt het gevoel als zand door haar vingers heengaan.

Ze hoort zijn sleutel, z'n voetstap in de gang,
Ze is een beetje bang,
Maar ze weet het al zo lang dit kan niet doorgaan zo.

Hij zucht en zegt: het ging niet op m'n werk,
Ben eigenlijk niet zo sterk,
Gek dat ik dan pas merk hoe ik je nodig heb.

Hoe moet ze dat nou zeggen,
Zo moeilijk uit te leggen,
Maar het lukt niet meer.
Ze is dat gevoel kwijt,
Haar lichaam spreekt de waarheid,
Het lukt niet meer.

Vroeger toen ze hem had leren kennen,
Konden ze elkaar zonder vragen zo verwennen.
Het strand, de zee, terassen, de kroeg,
Praten en vrijen het leek nooit genoeg.

Vroeger toen ze hem had leren kennen,
Konden ze elkaar zonder vragen zo verwennen.
Maar ze weet niet waarom, waarneer, waarvandaan
Maar ze voelt het gevoel als zand door haar vingers heengaan.

Hoe moet ze dat nou zeggen,
Zo moeilijk uit te leggen,
Maar het lukt niet meer.
Ze is dat gevoel kwijt,
Haar lichaam spreekt de waarheid,
Het lukt niet meer.

Oh! Hoe moet ze dat nou zeggen,
Zo moeilijk uit te leggen,
Maar het lukt niet meer.
Ze is dat gevoel kwijt,
Haar lichaam spreekt de waarheid,
Het lukt niet meer, echt niet meer!

Boodschappentas / Klein Orkest